Subscribe Now

* You will receive the latest news and updates on your favorite celebrities!

Trending News

By using our website, you agree to the use of our cookies.
To lactaat-test or not to lactaat-test? – een duidelijke voorkeur
Raf en Robbe De Dobbelaere ondergaan een lactaattest (foto: Facebook)
Extra

To lactaat-test or not to lactaat-test? – een duidelijke voorkeur

Naar aanleiding van een eerder artikel, waarin Dr. Peter Vervoort de meerwaarde van een inspanningstest ten opzichte van de formule van Karvonen toelicht, hebben we een poll op onze Instagram gehouden. Zijn triatleten echt zo data-driven als wel eens gezegd wordt? En Karvonen gebruiken om je theoretische HFmax te bepalen, allemaal goed en wel, maar hoe zit het dan met extrapolatie naar concrete trainingszones? Voor dit laatste laten we Rudi Frankinouille aan het woord.

De resultaten van onze poll spreken voor zich. Met 83% van onze volgers voorstanders van het motto “meten = weten” kunnen we niet anders dan concluderen dat triatleten een zwak hebben voor getalletjes. Ook op onze redactie horen we hierbij, we hebben onze eigen testopstelling ontwikkeld, niet enkel voor gericht te kunnen trainen, maar ook om nieuwigheden te testen (tipje van de sluier: Humon Hex).

“Er zijn een hoop pro en contra’s te vermelden bij de kwestie lactaatmeting”, begint Rudi, “de belangrijkste opmerking is dat wiskundig bepaalde zones op basis van maximale HR – zei het Karvonen of de gekende 220-leeftijd – geen rekening houden met de conditie of het type sporter. Voor een duursporter zullen de lagere zones beduidend ruimer zijn dan voor een atleet die puur voor intensiteit gaat.”

Hartslagzones zijn dynamisch

“Daarnaast zijn zones dynamisch,” gaat hij verder. “Na verloop van tijd en (type)training gaat de hartslagcurve wijzigen, met arbitraire zones wordt hier geen rekening mee gehouden. Enkel herhaalde lactaattesten geven hier een correct beeld over.”

Redenen waarom niet

Er zijn echter ook redenen te vinden waarom atleten of trainers beter niet over zouden gaan tot lactaattesten. “Voor liefhebbers die niet op prestatie uit zijn, brengen lactaattesten geen zoden aan de dijk. Hetzelfde geldt voor atleten die niet data-driven trainen en zich bijvoorbeeld liever uitleven in intensieve groepsritten,” verklaart Rudi. “Voor dit type atleten zijn lactaattesten duur, reken al gauw op €160 voor een ECG-registratie met VO2Max meting. Komt daar dan nog eens bij dat je een test nodig hebt per discipline en meerdere tests om progressie meetbaar te maken…”

Lactaattest bevestiging van hoe je je voelt

Samengevat: bieden lactaattesten een meerwaarde ten opzichte van arbitraire zones? Absoluut! Als er voor de optie lactaattest gekozen wordt, ben je er dan van af met een eenmalige investering? Absoluut niet! Zijn lactaattesten een must? “Een goede trainer en een atleet die zijn lichaam goed aanvoelt, weet perfect hoe intensief hij aan het trainen is. Een lactaattest is in dat geval veeleer een bevestiging voor de trainer en atleet dat er de goede richting uit gegaan wordt.”

Rudi Frankinouille is inspanningfysioloog in het UZA (S.P.O.R.T.S), zaakvoerder bij Atletenbegeleiding en grondlegger van de projecten TriaGO en Tria+. Hij is docent aan de Universiteit Antwerpen ReVaKi, trainer A triatlon en VTS docent voor verschillende opleidingen en federaties.